Posts tonen met het label Experimenten. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Experimenten. Alle posts tonen

dinsdag 12 augustus 2014

Restje van de Chinees? Bamihap met gado gado

Het stond laatst al in de krant; Een van de weinige horeca-takken die nog goed draaien is de oer-Hollandse Chinees. Lekker en veel voor weinig. Het grote nadeel daarvan is dat je bijna altijd teveel bestelt en dus overhoudt. Wat doe je dan met de resten? Ik maakte vandaag zelf bamihappen.

Zo'n zonde vind ik dat, grote bakken eten zonder pardon de vuilnisbak in. Zelf had ik een mini-menu vegetarische foo yong hai waarvan ik de rest rijst gisteren al heb opgemaakt in een roerbakschotel. Maar van de giga-portie babi pangang & tja sieuw met bami van manlief was nog heel veel over. Dat vroeg natuurlijk om een experiment!  Bamihappen met gado gado.



Voor 2 grote bamihappen:
Een rest (liefst vegetarische) bami, genoeg voor 2 bamihappen
een kwart bakje boemboe voor bami goreng (of een kwart zakje droge kruiden/groentenmix voor bami, geweekt in een beetje heet water)
sambal oelek
rijstmeel
een ei
paneermeel
olie
sperziebonen & taugé
pindasaus
gebakken uitjes

Snij de bami in stukjes van ongeveer 5 cm. Roer hierdoor de boemboe en (een theelepel) sambal oelek. Meng dit met wat rijstmeel zodat alle bami ermee bedekt is (gaat vast ook goed met kikkererwtenmeel). Kluts een medium ei en roer dit door het bamimengsel. Vorm hiervan 2 grote burgers. Wentel de bamihappen om en om door paneermeel en druk goed aan. Zet even in de koelkast om op te stijven.

Maak de boontjes schoon en zet op in gezouten water.

Verhit zodra de boontjes koken een flinke scheut olie in een anti-aanbak of keramische pan en laat goed warm worden. Bak de bamihappen voorzichtig - af en toe omkeren - voor ongeveer 5-6 minuten totdat ze goudbruin zijn.

Doe de taugé in een zeef en zet deze de laatste 2 minuten op de pan kokende boontjes om gaar te stomen.

Serveer de bamihappen met de boontjes en taugé, overgoten met pindasaus en gebakken uitjes.

Voor manlief heb ik ondertussen de rest vlees opgebakken met een half bakje boemboe en de bami en geserveerd met wat opgewarmde teriyakisaus, pindasaus de rest van de boontjes en een rest kroepoek. Was ook nog ruim voldoende!



vrijdag 30 mei 2014

Crispy crust banoffee pie

De afgelopen week vierden drie collega's hun verjaardag. En omdat ik geen weerstand kan bieden aan Turkse koekjes en rijstevlaai heb ik me vergrepen aan heel veel dingen die niet binnen mijn eetwijze passen (tarwe, room en suiker, veel suiker). Het heeft wel mijn 'sweet tooth' wakker gemaakt. Daarom vandaag een recept voor een verantwoorder, maar toch heel zoet en romig taartje. Je hebt geen oven nodig, wel tijd: de taart moet goed gekoeld worden.



De meeste recepten voor vegan banoffee pies die ik vind op de interwebs hebben een bodem van noten en dadels of verkruimelde koek (zoals je onder kwarktaart doet), maar omdat de vulling al zo zacht, zoet en romig is ben ik op zoek gegaan naar een bodem die een knapperig contrast vormt. Amerikaanse versies gebruiken vaak ook nog een notenboter in de vulling. Dat lijkt mij veel te zwaar, dus ik probeer de vulling zo licht mogelijk te houden met voldoende smaakcontrasten tussen de verschillende lagen: een knapperig aromatische bodem, zoete verwenvla in het midden en een frisse topping.

Voor 2 kleine springvormen van 12 cm (is 4 grote of 8 kleine porties) heb je het volgende nodig:

Voor de bodem:
3 rijstwafels
1 tl kaneel
3 grote eetlepels kokosolie
3 eetlepels honing of maple syrup
stukje chocola (soort maakt niet uit, wat je nog hebt liggen)
bakpapier

Voor de vulling:
ca 200 gram dadels (in dit geval 20 stuks)
2 rijpe - maar niet bruine - bananen
1 theelepel vanille-essence
2 eetlepels sojamelk
1 theelepel oploskoffie korrels (dit geeft het caramel-achtige smaakje)
snufje zout

Voor de topping:
1 blik biologische coconut cream
sap van een half limoentje

Voorbereiding 1 (de avond van tevoren)
Zet het blik coconut cream in de koelkast.

Voorbereiding 2 (de volgende dag)
Ik koop altijd heel zachte verse dadels bij de Turkse supermarkt, waarvan het velletje makkelijk loslaat. Kan je niet aan dat soort dadels komen, week je dadels dan een paar uur in water.

En nu komt het - behalve het koelen - tijdrovendste onderdeel van dit recept: pulk de velletjes van de dadels en haal de pitten eruit. Tussendoor je vingers en mesje even onder de kraan afspoelen helpt tegen het plakken. Als je hier geen zin in hebt laat je de velletjes gewoon zitten. Je vla wordt dan wel minder mooi glad.

Bereiding (neem de tijd voor het koelen, dus reken op ongeveer 2-3 uur):
Maak de bodem. Verkruimel hiervoor de rijstwafels in een kom.
Smelt de honing of maple syrup samen met de kokosolie en kaneel in een pannetje. Giet dit mengsel over de rijstkruimels en roer door. Schep dit mengsel op de bodem van de met bakpapier beklede springvormen en druk een beetje aan. Niet te hard, het moet een luchtige bodem blijven.
Zet de vormen in de koelkast om op te stijven.

Smelt de chocola (in de magnetron gaat het snelst) en smeer dit met een siliconen kwastje over de bodem. Zet terug in de koelkast om volledig hard te worden. Dit laagje voorkomt dat de vochtige vulling de bodem zacht maakt.
In dit geval had ik nog wat pure chocola met hazelnoot liggen. De knapperige stukjes noot gaven nog wat extra's aan de bodem.

Pureer in de keukenmachine de ontvelde/ontpitte dadels met de sojamelk, 1 banaan, zout, koffiekorrels en vanille tot een dikke, romige, toffee-achtige vla. Laat ook opstijven in de koelkast.

Snij de andere banaan in plakjes en verdeel deze over de bodem. Schep de vla er overheen.
Laat ook dit weer koelen.

Opdienen
Haal vlak voordat je de taart wilt gaan eten het blik coconut cream uit de koelkast en maak het voorzichtig open. Probeer zo min mogelijk te schudden/bewegen. Schep de dikke room die zich bovenin het blik heeft verzameld in een koele kom. Het water dat overblijft kan je weer voor een ander gerecht gebruiken.
Klop de room met het limoensap zoals je slagroom zou kloppen tot het luchtig is. Ik voeg hier geen zoetstof aan toe omdat de taart al zoet genoeg is, maar je kunt er eventueel nog een beetje honing bij doen.

Haal de taart uit de vorm, schep de geklopte room over de taart en serveer.

De geklopte kokosroom is ook lekker als alternatief voor creamcheese topping op bijvoorbeeld carrot cake muffins.

Naschrift:
Helaas was mijn kokosroom mislukt (dus geserveerd met reguliere slagroom) en vond ik zelf de taart veel te zoet, maar mijn collega's verzekerden mij dat hij erg lekker was, dus ik publiceer het recept toch maar alvast.

maandag 21 april 2014

Aardappel kikkererwtenbrood

Omdat een vriendin absoluut niet tegen tarwe kan en de korst van een boterham erg mist heb ik mezelf de uitdaging gesteld een luchtig, knapperig, tarweloos brood te bakken. Helaas is het deze eerste keer niet helemaal gelukt, maar het smaakt desalniettemin lekker.




Helaas zijn de meeste tarwevrije broden nogal compacte aangelegenheden en biedt het internet in deze ook geen oplossing. Daarom een echt experiment vanaf het nulpunt.

Wat heb je nodig voor een luchtig brood? Gluten en zetmeel. Tarwe bestaat ongeveer voor 80% uit gluten en 20% zetmeel. Dat moet ik dus zien te benaderen. Volgens mij moet ik met aardappel - veel zetmeel en lekker plakkerig - en kikkererwtenmeel - heel geschikt voor platbroden - een heel eind komen. Omdat ik bang ben dat het toch te compact wordt voeg ik ook nog wat maismeel toe. Mais bevat ook veel suiker, dat helpt hopelijk bij het rijzen.
Ik ben er niet helemaal zeker van dat mais en gist wel geschikt zijn voor degene waar dit recept voor bestemd is, maar dat is van later zorg. Eerst dit maar eens proberen.

Voor deze eerste poging heb ik gebruikt:
200 gram gekookte en licht gestampte kruimige aardappelen (Agatha). Mocht je een aardappelknijper hebben (ik helaas niet), gebruik die dan.
200 gram kikkererwtenmeel
100 gram fijn maismeel
7 gram gedroogde gist
1 theelepel (uit de maatlepelset) honing
1 theelepel grof grijs zeezout
150 ml lauwwarm water

Alle droge ingrediënten en de aardappel (hoeft niet helemaal afgekoeld te zijn) mengen en met een stevige lepel goed doorroeren.
Honing, zout en water toevoegen en lichtjes doorkneden tot de bal deeg loskomt van de kom.
Het wordt een soepel deeg. Niet zo taai/elastisch als gewoon gistdeeg, maar minder nat dan luie wijven brooddeeg.
Licht bestrooien met nog een beetje maismeel om te voorkomen dat het deeg aan de kom plakt en afgedekt een uur wegzetten op een warme plek.

Het deeg rijst wel, maar niet zo spectaculair als gewoon deeg. Na een uur rijzen het deeg nog een keer licht doorgekneed en dit keer bestrooid met kikkererwtenmeel. Het is wel duidelijk dat de gluten ontbreken, want het deeg blijft kruimelig en is niet elastisch.  Nog een keer een uur laten rijzen.

Ondertussen de oven voorverwarmd op 200 graden en een cakevorm licht ingevet met olie. Dat doe je normaal niet met brood, maar ik was bang dat dit erg zou plakken.

Na 40 minuten bakken was het brood goudbruin en klonk het een beetje hol toen ik erop klopte.

En, heeft het een kapperige korst? Reken maar! En het smaakt ook nog prima. Helaas is het brood wel veel te compact geworden. Niet gek voor een eerste poging, maar nog lang niet goed genoeg.

Wordt vervolgd...









zondag 2 maart 2014

Experiment: zelf brood bakken

Ik eet nog maar weinig brood. Af en toe een rogge- of boekweitbrood van het Vlaamsch Broodhuys of Jordy's voor het lekker, met een plak goede geiten- of schapenkaas erop. Dat is dan echt een traktatie! Maar nu ik op de Oogstmarkt rogge- en speltmeel heb gekocht is het tijd om eens zelf te gaan experimenteren.

Volgens de mevrouw van de meelkraam maakt de verhouding rogge/spelt niet veel uit. Zij raadde me aan om 350 gram spelt en 150 gram rogge te gebruiken en voor recepten verder te Googelen. Dat heb ik dan ook gedaan en kwam een recept voor een spelt/rogge bierbrood tegen.
Bier! Dat is toch vloeibaar brood? Dat moet wel een lekkere combinatie zijn. We hadden sowieso nog een paar flesjes Duvel in huis. En het is een deeg dat je niet hoeft te kneden. Lekker makkelijk.



Mijn ervaring met het bakken van brood beperkt zich tot nu toe tot het zelf maken van pizzadeeg (met zeer wisselende resultaten) worstebroodjes en andere gevulde broodjes, dus ik weet niet goed wat te verwachten en of het goed gaat.



Na het mengen van het meel, zout, honing (i.p.v. de suiker uit het recept), gist en bier heb ik de afgedekte kom (15 uur) in de buurt van de verwarming gezet. In tegenstelling tot mijn ervaringen met pizzadeeg rijst het nauwelijks. Zou dit komen omdat het bier gewoon minder rijskracht heeft dan gist? Of staat het deeg toch op een te koude plek? Of komt het omdat de volkoren spelt en rogge 'zware' meelsoorten met minder gluten zijn? Het ruikt wel heerlijk aromatisch zoet; niet zo zurig als met alleen gist.



Het deeg is wel erg nat, het is moeilijk te vouwen. Ook de tweede rijs - ik heb de bol deeg 2 uur afgedekt op een bakplaat op de zijkant van de kachel gezet - is niet echt om over naar huis te schrijven.
Het overhevelen van het nog steeds nattige deeg naar de gloeiendhete pan is niet makkelijk, maar gelukt.



Na ongeveer 20 minuten in de oven ziet het brood er al best echt uit en het ruikt zalig in de keuken.



Na nog eens 10 minuten even een alufolietje over de pan gelegd en de oven wat lager gezet, want het brood begon wel wat donker te worden.

Het eindresultaat! Het is een klein brood, maar het ziet er mooi uit, ruikt lekker en klinkt goed hol.
Nu nog even geduld en laten afkoelen voordat we kunnen snijden en proeven.

 


Het is een compact brood - dat het niet erg luchtig zou zijn had ik wel verwacht - met een knapperige, iets te bruine korst. Maar het is geen zwaar brood, het is lekker kruimelig. En hoe smaakt het? Lekker! Licht zoet, er had naar mijn smaak ietsje meer zout in gemogen, en in combinatie met roomboter en zilte nootachtige geitenkaas bijna net zo lekker als het brood van de professionals. En, ook niet onbelangrijk, het vult behoorlijk!


Experiment geslaagd en voor herhaling vatbaar. 

Tweede experiment
Zelfde hoeveelheid meel, maar nu met gist ipv bier. Brood is minder gerezen (vreemd), maar wel wat minder kruimelig en nog wat klef van binnen. Benieuwd hoe het zich morgen/overmorgen houdt.
Ook iets minder aromatisch dan het bierdeeg.



zaterdag 22 februari 2014

Banh Xeo: recepten lezen = recepten uitproberen = recepten schrijven

Recepten schrijven is een vak. Een vak dat ik niet eens pretendeer te beheersen. Echt goed koken is ook een vak. Ook dat vak beheers ik zeker nog lang niet. Maar waar ik wel goed in ben is recepten zoeken, lezen, uitproberen, combineren en naar mijn eigen hand zetten. De meeste recepten op dit blog ontstaan op deze manier. Experiment van de dag: Banh Xeo, Vietnamese gelukspannenkoekjes.

In de rubriek Volkskeuken van de Volkskrant stond van de week een recept voor Banh Xeo. Dat kwam goed uit, want sinds ik 2 weken geleden een zak rijstmeel bij de Chinese supermarkt had gekocht, was ik op zoek naar een lekker hartig recept met dat meel. De meeste recepten zijn namelijk voor zoetigheid, zoals Indonesische Kwee Lapis. Ook lekker, maar het gaat mij meer om gezonde (vegetarische) hoofdgerechten.

Wat ik vervolgens heb gedaan is het wereldwijde web afstruinen naar andere recepten voor hetzelfde gerecht, waarbij ik probeerde de vragen die ik had bij het uitgangsrecept beantwoord te krijgen. Dit omdat helaas 2/3 van het krantenartikel over heel andere dingen ging dan het recept zelf, dus de informatie was een beetje summier. Ik miste wat informatie die natuurlijk ook lastig is over te dragen met alleen tekst.

In dit geval waren mijn vragen:
1. Kan het recept ook met alleen garnalen i.p.v. garnalen + spek gemaakt worden of geheel dierloos?
2. Hoe dik bak je de pannenkoek? En hoe dik moet het beslag zijn? Hoeveel is een half kopje kokosmelk?
3. Moet de taugé niet worden meegebakken?
4. Hoe wikkel je de pannenkoek in een slablad? En waar laat je de groenten en kruiden?

Ik vond heel veel sites met antwoorden, maar de gevonden recepten riepen ook weer nieuwe vragen op:
5. Gebruik je alleen water, bier of water + kokosmelk voor het beslag? Met bier rijst het iets beter, maar kokosmelk is lekker zoet.
6. Bak je het lenteuitje mee of voeg het later toe?
7. Bak je grote (Zuid-Vietnam) of kleine individuele pannenkoekjes (Noord-Vietnam)?



Dit vraagt om een experiment! Ik besluit om 2 beslagvarianten voor kleine pannenkoekjes te maken (omdat die het beste oprollen naar mijn idee):
- water + kokosmelkbeslag, en
- water + bierbeslag.
En twee varianten vulling:
- garnalen, en
- paddenstoelen.



Resultaat
Het bierbeslag bleef erg dun, daar heb ik extra rijstmeel bij gedaan. Ook bakte het behoorlijk aan in een gewoon stalen pannetje. In de keramische koekenpan ging het beter.
Ik proefde weinig verschil tussen het kokos- en het bierbeslag en snap nog steeds niet hoe je een knapperig dubbelgevouwen gevuld pannenkoekje in een blad sla kunt rollen. Beide vullingen waren subtiel maar lekker en contrasteerden perfect met de knapperige sla en taugé. De dipsaus complementeerde het geheel. Na 3 pannenkoekjes zat ik al stampvol maar nog beslag over voor zeker nog 3.
Conclusie: meer studie nodig voordat dit een volwaardig recept is, maar zeker iets waar ik mee verder ga.


Wordt vervolgd...



Aanvullende info
Deze artikelen heb ik als inspiratiebron gebruikt.
http://www.culy.nl/recepten/aziatisch-koken-banh-xeo-vietnamese-pannenkoeken/
http://www.theravenouscouple.com/2009/12/banh-xeo-vietnamese-sizzling-crepes.html
http://www.lovesfoodandart.com/banh-xeo-vietnamese-crepes-recipe/

zondag 16 februari 2014

Experiment: Vegan chocolademousse

Het internet staat vol met recepten voor vegan chocolademousse op basis van silken tofu, maar welke is nou de lekkerste? Met chocola, met cacaopoeder, met een combi daarvan? En wat doe je als je, zoals ik, een suikermijder bent en de meeste recepten toch met suiker gemaakt worden? Je gaat zelf een beetje spelen. Hieronder een verslag van mijn onderzoek.

Eerste experiment
Silken tofu, 85% chocolade, cacaopoeder, vanille-essence, ahornsiroop (ik had alleen ahorn/cranberry in huis), havermelk.

Het resultaat zag er zo uit:

De consistentie was meer pudding dan mousse, maar heerlijk romig en een stevige chocoladesmaak. Wel iets zuur door de cranberry-siroop. Volgende keer toch een ander zoetmiddel gebruiken. Honing misschien?

Tweede experiment
Maple/cranberry syrup vervangen door 1/4 cup honing. Dit was zoeter, maat niet té zoet. De mousse geserveerd met wat ontdooid 'zomerfruit' voor het broodnodige zuurtje. Was erg lekker.
Volgende stap: de mousse een keer maken zonder chocolade, met alleen cacao.


Derde experiment
Mousse gemaakt met alleen cacaopoeder. Eigenlijk had ik het al verwacht omdat er niets in gaat dat stolt bij lage temperaturen; dit was meer dunne vla dan mousse. Bovendien was de cacao niet helemaal opgelost en de vla dus korrelig. Ook smaakte het veel zoeter dan de mousse omdat er geen tegenwicht was van de bittere chocola. Wat naar mijn mening bewijst dat koken niet alleen een recept volgen is, maar ook instinct, buikgevoel en ervaring...



Wordt vervolgd...

Experiment: Zelf kaassoufflés maken

Mijn eerste post als foodblogger. Hoera!

Wat doe je als collega 'E' voor het eerst komt eten? Dan maak je haar favoriete gerecht natuurlijk! Laat dat nou kaassoufflés zijn. Dan wil ik natuurlijk niet van die diepvriesdingen uit de supermarkt serveren, maar iets zelf maken. Daarom vandaag mijn eerste experiment 'Kaassoufflés voor beginners'.

Hoe zitten gewone kaassoufflés in elkaar? Gloeiendhete prut van binnen, met een soort deeglaagje eromheen en dan een - al dan niet gekruide - paneerlaag.
Dat moet te doen zijn: ik moet een goed smeltende kaasvulling hebben, een deeglaagje om de vulling bij elkaar te houden en niet te grove paneer.

Eerste fase experiment
Voor de vulling heb ik een pakje plakken smeltcheddar van de Aldi (lekker veel additieven :-(  ) gehaald en een blok extra belegen Goudse voor de smaak. Voor het deeglaagje loempiavelletjes van de Chinese supermarkt en AH basic paneermeel voor het omhulsel.

Eerst maar eens een beperkte proef. Een klein stapeltje loempiavellen ontdooid.
4 plakken smeltkaas met ongeveer gelijke hoeveelheid geraspte Goudse kaas klein gehakt, snufje peper erbij.

Dan de delicate loempiavelletjes vullen. Voorzichtig vouwen, want ze scheuren - ondanks nat maken met beetje water - toch wel snel. Drie varianten gemaakt:
1. enkel velletje + 1x paneren
2. enkel velletje + 2x paneren
3. dubbel velletje + 1x paneren

Door geklopt ei en paneermeel halen. Even laten rusten in de koelkast en gebakken in een laagje zonnebloemolie in de koekenpan.

En na het bakken zagen ze er zo uit:

Maar hoe smaakten ze? Goed! Viel helemaal niet tegen.
De enkel gepaneerde barstte in de pan, maar de smaak van de kaas kwam goed uit. De dubbele paneerlaag drukte de kaas een beetje weg en de dubbele loempiavellen maakten de soufflé een beetje taai.

Conclusie: De enkel gepaneerde met 1 loempiavel soufflé was het lekkerst. Delicaat, knapperig omhulsel, kaas smaakt goed, mag alleen wat meer vulling in en moet voorzichtig gebakken worden. Die gaat 'm dus worden van de week wanneer de visite komt. Als voorgerechtje met een tomatensalsa erbij.
Heb wel meteen zin om met andere kaasvullingen - gorgonzola lijkt me heel lekker - te gaan experimenteren, maar 1 vette hap per dag is meer dan genoeg.

Zie voor het eindresultaat : http://meriesfood.blogspot.nl/2014/02/recept-kaassouffles-voor-e.html